Tekenen voor beginners - Portret tekenen leren

7 handige technieken waarmee je 80% realistischer gaat tekenen

14 was ik toen ik lachend mijn 10 voor tekenen kreeg. Op school. Niet omdat ik geweldig kon tekenen…. Het was een roofvogel met potlood.

Wat ik deed: ik plukte een foto uit een tijdschrift en tekende hem na. Daarna deed ik hetzelfde. Maar nu uit mijn hoofd. Ik vergeleek en tekende hem opnieuw. Net zolang tot ik hem goed had. Uit mijn hoofd. Tijdens de tekenles was het dus een koud kunstje.

Nou was dit natuurlijk een behoorlijk omslachtige manier, maar ja, daar was ik toen nog niet zo mee bezig. Ik leerde goed tekenen omdat ik later begreep hoe je door vormen te vereenvoudigen beter grip op verhoudingen en diepte krijgt.

Wanneer je nu kijkt op internet kom je vooral veel ‘oefeningen’ tegen waar je jezelf kunt storten op allerlei saaie vormen. Om dingen als perspectief, negatieve ruimte en zelfs op zijn kop tekenen onder de knie te krijgen.

Ik zie dat als een omweg naar wat je wilt. Ben er ook nooit aan begonnen.

oude-tekening-3
oude tekeningen van voor 2012
geworstel met van alles
oude-tekening-1
ogen, schaduwen, verhoudingen die niet kloppen


Waarom deze 7

Dat komt uit de tijd dat ik workshops gaf, tussen 2015 en 2017. In zo’n workshop heb je dan 3 tot 4 uurtjes. En dan is het een heel gedoe om, zeker als je pas begint, vanaf streep 1 naar een heel portret te gaan.

Uiteindelijk had je dan van alles vertelt en laten zien maar een portret mee naar huis, dat zat er zo niet in. Dat kon beter: je kunt beter focussen op een paar technieken die veel verschil maken dan alles in die paar uur te proppen. Dat gaf meer rust in het tekenen en op de koop toe, zo had je in 4 uurtjes toch wel een mooi portret op tafel liggen.

portrettekening van april de laatste details van de haren
Wat een verschil met de vorige 3
weer een paar stappen verder fantasy portret
Dat is wat tekentechniek doet


Hieronder een kort overzicht van alle 7

De uitgebreide versie lees je in het boek: 7x verschil. 28 pagina’s in totaal. Dat is een beetje teveel voor het web. Dit boek kun je zo downloaden met je email. Hieronder de sneltrein versie van het boek:

De 4H tekentechniek

Misschien heb je weleens enkele haren willen tekenen. Met potlood lukt je dat nog prima. Maar wat als die haren nu wit zijn? Dat is met een potlood nog niet zo makkelijk te doen.

4h-tekentechniek
Losse haren teken je niet

Dat was de eerste laag maar je ziet al hoe die fijne haartjes naar voren komen. Uiteindelijk geven ze een indruk van Net Echt
Maar er is een eenvoudige oplossing:

(1) je maakt lijnen met een vlijmscherp 4h potlood, vervolgens ga je met een zacht potlood over deze lijnen. Bij (2) zie je het resultaat. Wil je de lijntjes lichter? Dan gum je voor je er met het zachte potlood overheen gaat de lijntjes weg (3) en worden de lijntjes lichter.

in-3-stappen-de-4h-techniek
Wat er gebeurd is dat je groeven maakt in het papier en in deze groeven komt geen grafiet. En dat blijft dus wit. Dit werkt zowel met grafiet als met houtskool.

Alleen met houtskool is het oppassen omdat je daarmee makkelijker de groeven dicht smeert. Wanneer ik houtskool gebruik teken ik deze tot een stukje voor de groeven. Dan mengen met het grafiet en pas daarna over de groeven heen.

Zo voorkom je dat je de boel dicht smeert en blijven de lijntjes mooi wit. Belangrijk blijft wel dat jouw papier dik genoeg is (vanaf 160 grams) en het H potlood echt vlijmscherp.

Lukt het niet om in één keer een vloeiende lijn neer te zetten met een 4H potlood? Want eenmaal getekend gaan ze nooit meer weg. De oplossing is dan met een zacht potlood eerst de lijn voor het 4H potlood te tekenen. Dan heb je houvast.

Achtergronden: snel en heel makkelijk

Bij portretfoto’s zie je dat weleens: prachtige achtergronden, vervaagt, waardoor er meer licht en diepte in de foto zit. Ik noem dat fotografische achtergronden omdat je dat bereikt door met de scherptediepte te spelen.

Mocht je zelf de foto’s gaan maken: hoe groter het diafragma hoe minder scherpte diepte.

Je stelt dan scherp op het gezicht en alles wat daarachter is wordt onscherp. Nog een voordeel is dat je sluitertijd sneller wordt waardoor je weer minder kans op bewegingsonscherpte hebt.

Zulke achtergronden zijn met potlood monniken werk maar daar is een snellere manier voor. En toch super echt. Met grafietpoeder en kwasten.

Hoe beginnen?

Grafietpoeder op het papier strooien. Hoe meer, hoe donkerder op een plek. En dan: schilderen maar. Als je klaar bent kun je nog verder doezelen met een make up kwast. Natuurlijk kun je ook de hele achtergrond met een kwast maken echter daar zit een maar aan….je krijgt dan geen donkere delen voor elkaar.

Donkerder in de achtergrond?

Met watten kun je door de druk te veranderen hier en daar donkere plekken toevoegen. Een kwast pak je dan later pas als je gaat afwerken. Het voordeel van deze methode: het kan niet mislukken. Het is een van de weinige onderdelen van een portret waarbij je bijna ongestraft net zolang kan veranderen tot je het helemaal perfect vind.

Spelen met licht in tekeningen

Wees niet te karig met dat licht. Zeker niet als je ogen tekent. Vaak is het zelfs echter wanneer je die lichtpuntjes groter maakt dan op de foto. Laat ze in eerste instantie groter dan op de foto dan kun je later altijd nog besluiten of je het teveel vind of niet. De high lights in de ogen zijn in de tekening nadrukkelijker dan je op de foto ziet.

lichtplekken in de ogen aangeven
Licht in de ogen of waar dan ook in een portrettekening is: het wit van het papier

In de lijnentekening geef ik van tevoren aan wat wit moet blijven. En vaak groter dan ze uiteindelijk gaan worden. Omdat je dan a) de randen kunt doezelen en b) kleiner maken is makkelijker dan groter maken.

Wat met tekenen een grote rol speelt is natuurlijk contrast. En wat je vooral ziet en ontdekt als je pas begint: dat je eerder te weinig zwart dan teveel gebruikt. Maar met houtskool los je dat op.

Wat is het voordeel van deze manier

Je hebt nu alleen een doezelaar nodig om vanuit die donkere delen het wit in de ogen te maken. Wit is niet helemaal juist omdat het oogwit ook grijze tinten heeft. Daarmee laat je zien dat het oog een bolvorm heeft.

Dat wit van het papier speelt ook steeds een rol als je de huid van het gezicht gaat tekenen. Sterker nog: dat is wat het zo levensecht maakt. Zeker als je meer fotorealistisch wilt tekenen als de afbeelding hieronder. Kijk bij de cijfers op de volgende afbeelding waarbij het wit van het papier steeds een rol blijft spelen..

levensechte-ogen-tekenen-met-nummers

Hoe ga je oefenen

Oefenen, nou dat klinkt al moeizaam. En saai.
Stond me nooit zo aan. vandaar ook dat ik ooit gewoon begon met natekenen. Maar ja, dan ben je wel steeds bezig opnieuw het wiel uit te vinden. Vandaar dat ik toen alweer 8 jaar terug besloot om werk te maken van portrettekenen. en dat gaat natuurlijk beter als je les neemt.

Maar dat oefenen, ik heb liever experimenten. Maar snapte wel dat een heel portret eerst willen tekenen als bijvoorbeeld de ogen nog niet zo lukken, het eigenlijk zinloos is. Vandaar dat je dat proces beter kan opdelen in stappen. En daarmee voorkomt dat je achterstevoren begint.

Hoe voorkom je dat je tekeningen plat lijken?

Als je pas begint heb je het niet zo in de gaten. Maar wanneer je enkel grafietpotloden pakt zijn jouw portretten vaak gevuld met enkel grijs. Geen zwart. Geen zwart er in is plat. En plat is: niet realistisch. Als je de 2 hieronder vergelijkt zie je al verschil:

oude-tekening-uit-2013
portrettekening tot nu toe van oktober
Maar hoe krijg je dat op papier?

Met houtskool. Voor mij is houtskool onmisbaar. Teken maar eens een rijtje vierkanten. Vul ze één voor één op met een B potlood, 2B 6B en 9B. Krijg je echt zwart?

No, allemaal grijze vlakken, weliswaar van licht naar donker maar toch: grijs

Wil je dat jouw portretten eruit springen: neem houtskool. Ik gebruik potloden, geen staafjes. Dat maakt zo’n rommel. De merken waarmee ik teken zijn Derwent, dark 3B, of Pierre Noire van Conté a Paris.

Minder tekenen en toch realistisch

Haren tekenen is een mooi voorbeeld van minder tekenen en toch realistisch. Dat is ook waarom je beter niet de vormen kunt tekenen maar het licht wat op die vormen valt. De schaduwen en lichte delen. Een goed voorbeeld is deze tekening:

1 van de 3 portretten voor de video van net echt
o.k, je hebt gelijk, ik heb niet veel haar. Maar dat was ook de reden dat ik die paar stekeltjes niet echt kan tekenen. Alleen de suggestie wekken dat ze er zijn.

Maar als je tekent, wat zie je dan eigenlijk? Grijze vlakken, sommige vaag, anderen bijna wit. En dat is dan ook wat je tekent. Er is een levensgroot verschil tussen kijken en zien. Als je kijkt denk je eerst aan haren. haren, losse stekeltjes, maar hoe krijg je zoeits nou op papier. dat betekent dat je er anders naar moet gaan kijken.

En dat anders is dat je kijkt naar de verdeling van licht en donker. In elk vlak, dus ook de haren.

En verhoudingen tekenen

Meestal krijg je allerlei methoden, manieren met streepjes door hoofden en bergen tips waarna je uiteindelijk het spoor bijster bent. Maar hoe jij een lijn zet, dus de manier, jouw stijl van tekenen, dat is waar je niet het eerst aan denkt. En die lijnen zetten valt of staat met hoe jij je voorbeeld ziet.

Dat gaat dus niet ineens. Om je een idee te geven van het probleem en de oplossing:

Heb je weleens een cirkel uit de losse pols getekend? Knap lastig. Maar teken je nu eerst een vierkant en daarin de cirkel, dan gaat het al een stuk beter. Als je in dat vierkant ook nog een kruis zet krijg je hem nog preciezer.

Dat idee gebruik je ook bij portretten. Hoe je dat doet laat ik je zien in het boek en als je dat niet wilt kun je het ook lezen op de pagina over verhoudingen tekenen.

Heel veel plezier met tekenen,

geschreven-paul