Bij fotorealisme is doorslaggevend of je in staat bent de kijker het idee te geven dat hij of zij naar een foto kijkt

Maar het is illusie omdat je niet elk detail weergeeft die je op de foto ook ziet of wanneer je ‘life’ tekent naar de exacte werkelijkheid.

Hier komt ook het formaat waarop je werkt om de hoek kijken want wanneer je een portret tekent op 40 x 60 cm kun je niet elk detail weergeven. Je kunt het wel suggereren. Met technieken kun je de indruk van fotorealisme geven.  Hyperrealisme is nog meer afhankelijk van het formaat. Heel groot tekenen en vervolgens verkleinen geeft een (foto) realistische indruk.

Hoe je details verwerkt maakt of breekt je fotorealisme. En maken of breken is altijd een gevolg van wel of geen technieken kennen.

Details die het realisme vergroten

details maken of breken realisme

Op de afbeelding hierboven nog meer detailpunten

  1. Onder details vallen ook de lichte plekken op de huid die je vaak op de neus ziet. Door eerst de omliggende toonwaarden te maken en ze pas daarna te doezelen kun je veel mooiere overgangen tekenen dan wanneer je deze met gum probeert te maken. Naar wat het portret vraagt is het soms beter om de omliggende grijstinten donkerder te tekenen dan ze in werkelijkheid op je referentie foto zijn.
  2. Het neusgat is meestal zwart. Hier zie je nog voor het doezelen het bovenste deel met houtskool en daaronder 9B potlood.
  3. Ook de rand om de neus is donker waardoor je een beter idee van diepte krijgt (3B houtskool)
  4. Door de belichting was er een strakke schaduw om de neus. (getekend met 2B potlood)
  5. De opbouw van de huid om de neus heen met heel licht 2B potlood. Je ziet hoe door de lang gerekte cirkels het wit van het papier zichtbaar blijft.

De waterdruppels maken dit portret helemaal af. Je ziet hoe je met schaduw vanaf 1) potloodstrepen op een plat vlak naar 2) gaat, een 3D illusie alleen door schaduw. De ‘bol’ aan het einde van de waterdruppels ontstaat enkel door de schaduw 3) die meer uitsteekt dan de rest. 

patronen-in-een-portret

Realisme berust ook op patronen. Zo zitten  wij als mens nu eenmaal in elkaar. We kijken liever naar iets wat ordelijk overkomt dat naar wanorde. Die voorkeur is een handig middel om de indruk van fotorealisme in je tekening te vergroten. Dat betekent wel dat je niet altijd letterlijk je referentie foto moet overnemen.

Een patroon wat er ook voor zorgt dat er perspectief, dus diepte in de tekening ontstaat, zijn de drie schaduwen bij de pijlen. Het is geen toeval dat ze van groot naar klein gaan. Groot en donker neigt naar voren. 

realistisch portret zijprofiel met potlood

De technieken uit de portrettekening:

Contrast: de schaduwen langs de druppels zijn getekend met 2B potlood. Water reflecteert en om dat goed te laten zien moet je het contrast overdrijven. Dat is nog een factor in realisme, weten wanneer je bepaalde onderdelen van je tekening moet overdrijven om een realistische indruk achter te laten.

Het wit van het papier wat zorgt voor de ‘reflectie’. Echt wit bereik je niet met gum. Je kunt daarom beter van te voren aangeven op je tekening welke plekken je wit laat. Wil je dat het wit nog ‘feller’ overkomt? Zet er dan donkerder partijen omheen. Nog een situatie waarin je kiest om contrast te overdrijven.

‘Shading’: het doezelen met gum en doezelaar wat zorgt voor vage tinten die de illusie van water versterken. Door gum te snijden in verschillende maten kun je met elk stukje weer een bepaald effect bereiken.

Je kunt ook kneed-gum gebruiken maar vooral omdat het grafiet van het potlood blijft plakken heb je al snel een zwarte bal in je handen.

In deze categorie lees je alles over fotorealistisch tekenen. De technieken, de materialen, want ook bijvoorbeeld welk papier je pakt maakt een wereld van verschil.